Werktafels

Aan deze tafels ga je samen met je klasgenootjes je eigen windmolen maken.

tooltip example image

Vergaderruimte

Hier is ruimte voor werknemers van Eneco om gasten te ontvangen of om met collega's op een inspirerende locatie te vergaderen.

tooltip example image

Informatie panelen

Op de panelen aan de wand vind je allerlei interessante feitjes en informatie over de wind, de windmolens en energie.

tooltip example image

Test je windmolen

Hoe zou jouw windmolen het doen en hoeveel energie zou hij opwekken als hij net zo groot zou zijn als de echte windmolens buiten? Test 'm hier!

tooltip example image

Wat is het weer vandaag?

Ook zijn er allerlei buitenopdrachten die te maken hebben met de wind op de dag van je bezoek. Een weerstation gaat je hierbij helpen!

tooltip example image

Spreekbeurt over windenergie!

Terug 

Wat is energie

Energie is alles wat licht, warmte of beweging veroorzaakt. In huis gebruik je het de hele dag. Of je nu een spelletje op je tablet speelt, de verwarming aanzet of naar je favoriete radioprogramma luistert. Alle apparaten bij jou in huis gebruiken energie. Van je nachtlampje tot de verwarming. Er bestaan verschillende soorten energie die ervoor zorgen dat je al die apparaten kunt gebruiken. Zo heb je:

Duurzame energiebronnen
Dit zijn bronnen als zonlicht, wind- en waterkracht. Je noemt ze duurzaam omdat ze er altijd zijn en nooit op kunnen raken.

Fossiele brandstoffen
Deze brandstoffen zijn diep onder de grond opgeslagen. Ze zijn ontstaan uit planten- en dierenresten van miljoenen jaren geleden. Ze worden over de hele wereld veel gebruikt, maar ze zijn niet goed voor het milieu en kunnen op raken.

Kernenergie
Raakt ook niet snel op. Maar het levert afval op dat heel goed bewaard moet worden. Als dat niet gebeurt, zijn deze stoffen gevaarlijk voor mensen en dieren.

Waarom zijn er verschillende soorten energie?

Jarenlang wekten mensen vooral energie op uit fossiele brandstoffen, zoals steenkool, aardgas en aardolie. Maar als je deze bronnen verbrandt komt er CO2-gas vrij en dat is slecht voor het milieu. CO2-gassen zorgen er namelijk voor dat de aarde steeds warmer wordt. Hierdoor smelten ijskappen op de Noord- en Zuidpool en stijgt langzaam de zeespiegel. De kans op overstromingen neemt daardoor toe. Het opwarmen van de aarde door CO2 noem je het broeikaseffect.

Leer meer over het broeikaseffect
in het volgende filmpje.

Tip

Laat dit filmpje zien tijdens je spreekbeurt!

Hoe ga je het broeikaseffect tegen?

Tip

Vraag je klasgenoten hoe zij energie zouden kunnen besparen.

Gelukkig zijn we nog niet te laat en zijn er manieren om het broeikaseffect tegen te gaan. Zoals deze:

  • Verbruik minder energie
  • Wek meer duurzame energie op

Wekt Nederland duurzame energie op?

Duurzame energiebronnen kom je in Nederland regelmatig tegen. Kijk maar eens naar de volgende twee foto’s:

Dankzij windkracht wekken windmolens energie op. Ze staan vaak op open plekken waar ze extra veel wind vangen.

Deze zonnepanelen leveren zonne-energie op. Je ziet ze vaak op daken van huizen, kassen en bedrijven.

Tip

Laat deze foto’s zien tijdens je spreekbeurt. Kennen je klasgenoten ook daken met zonnepanelen of plekken met windmolens?

Wat is wind?

Om windenergie op te wekken, heb je wind nodig. Maar wat is wind eigenlijk? Wind is lucht in beweging. Lucht bestaat uit allemaal kleine deeltjes die zich van de ene plek naar de andere verplaatsen. Dat doen ze omdat ze altijd op zoek zijn naar een plek waar meer ruimte is en minder luchtdeeltjes zijn. Je kunt het vergelijken met koeien in een stal. Als je de deur van de stal openzet, lopen ze allemaal de wei in voor meer ruimte. Een gebied met veel luchtdeeltjes noem je een hoog drukgebied. Zijn er in een omgeving weinig luchtdeeltjes, dan is dat een laag drukgebied.

Tip

Laat het trucje met de ballon zien tijdens je spreekbeurt.

Hoe groter het verschil is tussen een hoog en een laag drukgebied, hoe harder het gaat waaien. En hoe harder het waait, hoe meer windenergie er kan worden opgewekt.

Spreekbeurtweetje

Als je een ballon opblaast, komen er steeds meer luchtdeeltjes in. Een opgeblazen ballon is een hoog drukgebied in het klein. Zodra je hem leeg laat lopen, zoeken de luchtdeeltjes de ruimte op.

Wil je ook alles weten over windkracht? Kijk dan dit filmpje.

Hoe zet je wind om in elektriciteit?

Je weet nu wat wind is. Maar hoe wordt die wind omgezet in elektriciteit, zodat jij je mobieltje ermee kunt opladen? Dat doen speciale windmolens die je windturbines noemt. Hier zie je stap voor stap hoe dat werkt:

Laat deze filmpjes zien tijdens je spreekbeurt!

Wil je ook alles weten over windkracht? Kijk dan dit filmpje. En in dit filmpje leer je nog meer over windturbines en elektriciteit.

  • Op deze plek zit de kruimotor. Deze zorgt ervoor dat de wieken van de windturbine altijd naar de goede windrichting gericht staan. Zodat ze veel wind vangen.1
  • De wind zorgt ervoor dat de wieken van de turbine gaan draaien.2
  • Doordat de wieken van de windturbine draaien, komt ook de hoofdas in beweging.3
  • De tandwielen lijken op de versnellingen op je fiets. Als het zachtjes waait, worden de tandwielen in een lage versnelling gezet en met harde wind in een hoge.4
  • De generator is het deel dat de stroom opwekt. De beweging van de as wordt hier omgezet in elektriciteit. Het werkt hetzelfde als een dynamo op je fiets. Als die langs je wiel draait, begint je fietslamp te branden.5
  • Dikke kabels in de mast sturen de elektriciteit naar de transformator.6
  • Deze transformator zorgt ervoor dat de elektriciteit wordt omgezet naar de juiste spanning. De elektriciteit die bij de transformator binnenkomt is namelijk veel te hoog om te gebruiken in huis.7

Spreekbeurtweetje

De wieken van een windturbine noem je rotorbladen. Deze zijn bol aan de voorkant en hol aan de achterkant, zodat de wind zoveel mogelijk energie kan maken.

Hoeveel elektriciteit geeft een windturbine?

Een transformator zorgt er dus voor dat de stopcontacten in huis genoeg stroom geven voor de apparaten die je erop aansluit. Maar hoeveel energie gebruiken die apparaten eigenlijk? Dat kun je meten met kiloWattuur. Dit woord kun je in drie stukken verdelen:

  • Kilo betekent duizend. We gebruiken kilo ook om aan te geven hoe zwaar iets weegt. Eén kilo is duizend gram.1
  • Het woord Watt geeft aan hoeveel energie iets kost of oplevert. 2
  • Aan het woord uur kun je zien dat het om energie per uur gaat. 3

Een kiloWattuur klinkt misschien niet zoveel, maar dit kun je er allemaal mee doen:

  • 4 keer friet bakken in de friteuse
  • 5 uur met je XBOX 360 gamen
  • 6 uur televisie kijken
  • 3 maanden je smartphone gebruiken
  • 50 uur met de Wii gamen

Met één kiloWattuur kun je dus enorm veel doen. Maar met één windturbine nog veel meer. Die levert bij windkracht 5 wel 1.000 kiloWattuur per uur op. Daarmee kun je alle apparaten in huis makkelijk drie maanden gebruiken.

Van vroeger tot nu

Wist je dat energie opwekken door windkracht te gebruiken helemaal geen nieuwe uitvinding is? Dit gebeurt al bijna tweeduizend jaar. Lees hier meer over de geschiedenis van de windenergie:

  • 1e eeuw

    Heron van Alexandri‘ wordt de uitvinder van de windmolen genoemd. Hij gebruikte windkracht om een orgel muziek te laten maken.


  • 12e eeuw

    In Europa werd de standerdwindmolen gebouwd. De kast van deze molen was zo gebouwd dat de wieken altijd in de beste windrichting stonden. Zodat er veel water gepompt en graan gemaald kon worden.


  • 19e eeuw

    De Amerikaanse uitvinder Charles Brush bouwde de eerste automatische windturbine. Hij bedacht ook de naam windturbine, omdat dit de eerste molen was die elektriciteit opwekte.


  • 1927

    Fransman Georges Jean Darrieus ontwerpt de giromill. Een windturbine met een verticale hoofdas die alleen gaat draaien bij harde wind.


  • 1941

    De eerste megawatt-windturbine is een feit. Hij krijgt de naam Smith-Putnam-windturbine. Na anderhalve maand gaat het eerste blad al stuk.

  • 9e eeuw


    De Perzen bouwden molens waarbij de hoofdas niet horizontaal, maar verticaal stond. Waarschijnlijk werden ze gebruikt om water mee te pompen of graan te malen.

  • 13e eeuw


    West-Europa kwam met torenmolens die op grote stenen torens werden gebouwd. De wieken waren bevestigd aan een draaiende kap bovenop de molen. Aan de achterkant zorgde een windroos ervoor dat de kap altijd goed in de wind stond.

  • 1922


    De Finse Sigurd Johannes Savonius komt met de Savonius-windturbine. Dit is een weerstandturbine omdat energie wordt opgewekt doordat de wind tegen de bladen duwt.

  • 1931


    Georges Jean Darrieus komt met nóg een windturbine. Deze noemt hij de Darrieus-windturbine. Veel mensen noemen het de eierklopper omdat de windturbine daarop lijkt.


  • Nu

    De windturbine die we nu kennen, was er nooit geweest zonder alle windmolens en windturbines van vroeger. Van elke windturbine leerden mensen iets, waardoor ze ‘m steeds weer konden verbeteren. De windturbines van nu hebben een horizontale hoofdas en bladen die op vliegtuigvleugels lijken waarmee ze zoveel mogelijk wind kunnen omzetten in energie.

DOE-OPDRACHT

Heb je je spreekbeurt helemaal voorbereid?
Print dan de doe-opdrachten uit voor de hele klas om je spreekbeurt af te sluiten en uit te vinden wie er wat heeft opgestoken van je verhaal! En dus ook: wie er heeft opgelet ;-)

Heeft de klas de smaak van windenergie te pakken?
Bezoek dan met z’n allen het WindLab! Je leraar kan jullie aanmelden op deze aanmeldpagina